Ik heb iets gaafs gebouwd. Ik noem hem Janitor.


Vanochtend om 9:14 stopte een project dat ik voor mijn klanten onderhoud ineens met werken.

Om 9:17 stond de fix al in mijn mail.

Ik heb er zelf niks aan hoeven doen. Alleen even akkoord geven.

Dat is Janitor: een agent die bij alles wat ik bouw in de gaten houdt of er iets misgaat. Een onderliggend model dat niet meer ondersteund wordt, een database die vastloopt, een configuratie die in de war raakt, of zomaar een willekeurige crash.

Janitor ziet het en start direct een onderzoek. Hij logt de issue, zoekt uit wat er aan de hand is, schrijft een heldere analyse en bedenkt wat de oplossing moet zijn. Daarna mailt hij mij.

Zo ook vanmorgen. Het project dat omviel gebruikt Google's Gemini als AI-model, maar die gaf een timeout error. De Gemini-servers hadden het te druk. Janitor stelde voor om een automatische retry te bouwen met exponential backoff (voor de nerds). Goede fix, goede code.

Ik hoefde alleen terug te mailen: "Ja, doe maar."

Onder de motorkap roept Janitor Claude Code aan voor het zware werk. Als Claude Code klaar is, pakt Janitor het weer op en houdt de administratie bij.

Bij klantprojecten staat hij altijd op "investigate-only". Voor interne projecten zet ik hem op "auto-fix": dan staat de fix al live voordat ik doorhad dat er iets aan de hand was.

Wat me het meest verrast: hoe kalm het voelt.

Vroeger was elke productie-error een onderbreking van m'n dag. Nu worden ze onderzocht, en meestal is er al iets gedaan tegen de tijd dat ik kijk.

Betekent dit dat ik niet meer aan mijn projecten hoef te werken? Nee, natuurlijk niet. Een deel van wat Janitor voorstelt heeft menselijk inzicht nodig. En sommige bugs wil je gewoon eerst zelf begrijpen.

Maar de baseline is verschoven.

De mooiste tools zijn de tools die je niet meer ziet. Janitor is er zo een aan het worden.


Vorige post: Actionable AI-idee 2: Laat de AI leads voor je vinden